
De gouden regel van Dr.Ragnar Berg, een Zweedse natuurgeneeskundige is "Eet vijf maal zoveel aardappelen, groenten envruchten als het totaalgewicht van alle andere levensmiddelen (dus ook reformprodukten): eet daarvan minstens 50% rauw.
Deze regel komt voort uit onderzoekingen inzake het zuur-basenevenwicht, in datgene wat levensmiddelen als residu in ons organisme achterlaten. Daaronder valt het urinezuur- probleem.
Urinezuur dat voor talrijke lichaamskwalen verantwoordelijk kan zijn, en dat zijn bijna altijd chronische aandoeningen. Zuren en basen zijn feitelijk elkaars tegenpolen. Afzonderlijk zijn deze restwaarden giftig, tezamen neutraliseren zij elkaar. Een overschot aan zuren levert moeilijkheden op, omdat zij alleen door (alkalische) basen onschadelijk kunnen worden gemaakt. Te veel basen geven nooit problemen, omdat zij zich binden aan het koolzuur wat wij uitademen.
Ons bloed is altijd alkalisch. Dreigt dit mis te gaan, dan spreekt men van bloedacidose, een dodelijke zaak, waartegen het organisme onmiddellijk aan de noodrem trekt. Er worden dan de zgn. "noodbasen" vervaardigd uit alle eiwitten die toevallig voorhanden zijn, ook uit onze eigen weefsels.
Feitelijk is het ammoniak dat ontstaat. Het nadeel is dat zich bij deze extra eiwitverbranding opnieuw zuren vormen. Men komt in een vicieuze cirkel terecht. Uiteindelijk plegen zuuroverschotten aanslagen op ons organisme, in alle onderdelen, een beetje afhankelijk van de constitutionele gesteldheid. Ook suikerziekte jicht en reuma worden voor een groot deel door deze vorm van acidose veroorzaakt. Weefsels raken aangetast, degeneren en functioneren slechter. Bij onze evenwichtsvoeding komt het erop aan, zoveel mogelijk basenrijke levensmiddelen te gebruiken.
Dr. Bircher Brenners complete rauwkosttherapie en -theorie is o.a. op dit gegeven gebaseerd.
Niets bevat meer basen dan rauwe groenten, goed toebereide aardappelen en vruchten.
Bij een basenoverschot worden de koolhydraten beter vewerkt.
In het algemeen kunnen we zeggen dat bij zuurrijke, basenarme voeding het nuttig effect van het voedsel verminderd is en dat allerlei afvalprodukten worden gevormd die aanleiding kunnen geven tot verschillende ziekten, vooral ook omdat de uitscheidingsmogelijkheid verminderd wordt. De voedselbehoefte wordt groter. Bij basenrijk voedsel is het nuttig effect van het voedsel het grootst, de vorming van "slakken" het geringst, de afvoer van afvalprodukten het best. De voedselbehoefte is hierbij het geringst.
Hieronder een zuren- en basentabel van Dr.Ragnar Berg, de beroemde Zweedse voedingsgeleerde, die tien jaar van zijn leven gewijd heeft aan proefnemingen op dit terrein.
Zuuroverschotten (-) Basenoverschotten (+)in millie-equivalenten (gelijke hoeveelheden) per 100 g rauw
Het ideale zuur/basenevenwicht in de maaltijden is 20/80 rundvlees - 23 uien + 3 schelvis - 20 sperziebonen + 12
100 g ei (gepeld) - 25 erwten - 4
melk + 2 bonen (bruin/wit) - 4
magere melk + 4 komkommer + 31
room + 3 appelen + 1
karnemelk + 2 peren + 3
boter _ 4 pruimen + 5
margarine(plantaar) - 7 kersen + 3
vet(plantaardig) - 11 aardbeien + 3
kaas (vette) - 18 vijgen (gedroogd) + 28
kaas (mager) - 2 aalbessen + 2
tomaten + 14 druiven + 7
volkorenmeel _ 3 rozijnen + 15
tarwebloem - 8 sinaasappels + 9
havervlokken - 10 citroenen + 10
zilvervliesrijst - 18 bananen + 5
rijst (gepolijst) - 3 asperges + 1
volkorenbrood - 6 walnoten - 8
witbrood (melk) - 11 kokosnoten + 4
spinazie + 28 amandelen - 1
aardappelen + 8 kastanjes + 12
selderijknol + 11 sla + 14
worteltjes + 10 champignons + 1
bieten + 12 sojabonen + 38
andijvie + 14 rietsuiker + 14
(ongeraff.)
koolraap + 10 kristalsuiker - 0
ramenas + 39 cacaopoeder - 5
schorseneren + 2 chocolade - 8
bloemkool + 3 koffiebonen + 6
savooiekool + 3 bier - 1
spruiten - 13 wijn + 1
theeblaadjes + 54
H.v.S.
Oorspronkelijk gepubliceerd in De Natuur Uw Arts, 22e jaargang nr. 128, 1997.