
Wie vaak in Parijs komt, is vast
wel eens op de Boulevard Menilmontant geweest om er een bezoek aan Père
Lachaise te brengen. Dat is een enorm kerkhof in het oostelijke deel van de
stad. Een stuk grond van 42 ha, waar ruim een miljoen doden in graven ter aarde
zijn besteld.
Eigenlijk was ik op zoek naar het
graf van Maria Walewska, een van de vele vrouwen die door Napoleon bemind en in
de steek gelaten is. Maar zij was wel de enige die hem later in zijn
ballingschap opzocht. Ik vond het sobere graf, maar ik vond nog meer. Na wat
rondlopen stond ik volkomen onverwacht voor het monument van dr. Friedrich
Samuel Hahnemann, de grondlegger van de homeopathie. Dan pas herinner je je dat
hij de laatste jaren van zijn leven in Parijs heeft doorgebracht. Toen zijn
eerste vrouw was overleden, trouwde hij met een veel jongere Française, Mélanie
d'Hervilly. Die troonde hem naar de Ville Lumière. Ze kende een van de
ministers en liep zijn departement plat om de nodige papieren voor haar
echtegenoot los te krijgen. Toen die er eenmaal waren, braken voor Hahnemann de
vette jaren aan. Voorbij was de tijd dat hij en zijn gezin op klompen liepen,
omdat er geen geld voor schoenen was. Hij was nu uitgegroeid tot een beroemdheid
en zijn vrouw schermde hem tegen al te grote aanloop af door flinke honoraria te
vragen. Alleen wie goudstukken in zijn portemonnee had, kon tot zijn spreekuur
doordringen, hoewel hij op gezette tijden gratis consult voor de armen bleef
geven; men stond dan in de gang en op de stoep tot voorbij de straathoek.
In die periode experimenteerde
Hahnemann met de geur van medicijnen. Hij zocht volgens zijn homeopathische
methode uit wat voor middel de patiënt kon helpen. Dan ontkurkte hij de
desbetreffende flacon en liet hem of haar er flink aan snuiven. De eerste
behandeling was klaar en het goud rinkelde. De anekdote deed de ronde dat een
rijke boer dat wel gemakkelijk verdiend vond. Een vleugje nauwelijks te ruiken
geur en dan een louis d'or of meer op het bureau! Na de therapie trok hij een
goudstuk, bewoog dat onder Hahnemann's neus en vroeg of hij het goed geroken
had. Toen deed hij zijn geld weer in de knip en vertrok met vriendelijke groet.
Hahnemann was niet kinderachtig en liet het erbij zitten. Het verhaal ging later
dat de boer hem tegen Kerstmis een enorm konijn als feestmaal liet bezorgen.
Etherische
oliën
De gedachte iemand door de reuk
te beïnvloeden was niet nieuw. Wie in de bijbel leest, stuit in de eerste
boeken al op geuren. Natuurlijk waren dat toen offerranden, maar de wolken
wierook brachten automatisch ook de gelovigen in een verheven stemming. Zodoende
bleef hij deel uitmaken van veel kerk- en tempeldiensten. In de katholieke
liturgie gebruikt men al sinds vele eeuwen de hars van de wierookboom (Boswellia
thunifera), terwijl in India en Thailand - om maar iets te noemen - het
verpoederd hout van de sandelboom (Santalum album) in zwang is.
Toen de scheikunde zich tot een
volwaardige wetenschap had ontwikkeld, beschreef ze nog andere stoffen die op
het reukorgaan werkten. Het waren oliën die duidelijk verschilden van
naamgenoten als olijf- of klapperolie. Wie van die laatste heeft gemorst, krijgt
meteen met grote vetvlekken te maken, Etherische oliën verdampen veel te snel
om vieze plekken na te laten. In het Engels spreekt de wetenschap van 'essential
oils', een term die er gewoon om vraagt verkeerd vertaald te worden: essentiële
oliën. Een soort essence dus. De etherische oliën hebben allemaal structuren
die op elkaar gelijken en ze ruiken stuk voor stuk lekker, al zullen voorkeuren
natuurlijk steeds verschillend blijven. Omdat ze zo vluchtig zijn, is er nóg
een onderscheid met vette olie. Als je die op je huid smeert, dringt ze er niet
meteen in door zoals de etherische soortgenoten. Die komen bij een luchtige
massage al door de huid heen in de bloedbaan en laten daar hun werking voelen.
Aromatherapie
Natuurlijk kun je een massage met
etherische olie geen therapie via het reukorgaan meer noemen. De geur levert wel
zijn bijdrage, maar het zijn hoofdzakelijk de stoffen in het bloed die daar hun
prikkels laten gelden. De echte aromatherapie doet haar naam nog recht: ze werkt
als aroma en dat is het oude Griekse woord voor 'welriekend kruid'. Er zijn
speciale brandertjes in de handel met een waxinelichtje voor de nodige warmte en
een schaaltje water erboven. Als het water warm is, giet men er een paar
druppels etherische olie op. Die verspreiden zich als vlekken op het oppervlak
en verdampen snel. Zelf gebruik ik nogal eens de olie van de bergamot (Citrus
bergamia). De geur beïnvloedt iemands aandacht; men is alerter, reageert
sneller en is beter bij de les, ideaal om aan het begin van een discussie-avond
te gebruiken. Als toevoegsel voor thee, die dan als Earl Grey aan de man
gebracht wordt, vind ik het minder goed geslaagd. Maar dat komt, omdat ik de
bijsmaak aan die thee gewoon niet lekker vind.
De etherische olie die uit mirre
(Commiphora myrrha) wordt gewonnen, is al heel erg lang bekend. U komt ze onder
meer in het bijbelse verhaal van de wijzen uit het Oosten tegen. Die namen bij
hun bezoek aan Bethlehem drie soorten cadeaus mee: goud, wierook (daar had ik
het ook al over) alsmede mirre. Als daar een paar druppels van worden verdampt,
heeft dat een verfrissende, kalmerende werking op de aanwezigen. Wie zich een
beetje down voelt, wordt actief en begint weer helder te denken.
Wat de uitwerking van de
etherische pijnboomolie is, laat zich niet lastig raden. Iedereen kent dat
gevoel wel, als hij of zij door een dennenbos wandelt. Er hangt daar een aparte
lucht, waar vooral de grove den (Pinus sylvestris) haar bijdrage aan levert. De
etherische pijnboomolie werkt kalmerend en pept vermoeide mensen op. Heerlijk om
te gebruiken, als u na een vermoeiende dag even wilt wegzakken.
Wat ook bijzonder rustgevend
werkt, is rozenolie. Een wat duurdere soort etherische olie, omdat er heel wat
rozenblaadjes nodig zijn om een bescheiden flesje vol te krijgen. In Bulgarije,
waar ik voor het eerst de eigenaardige, houten flaconnetjes met olie tegenkwam,
werd ze vooral gemaakt van de Provence-roos (Rosa centifolia).
Onderzoek
alles en behoud het goede
Het was niet de bedoeling u tot
de aromatherapie te bekeren; het is al voldoende dat u het brede terrein ziet
waarop de geuren werkzaam zijn. Natuurlijk gebeurde ook hier, wat er elders in
de wereld van de medicijnen is geschied: de oprukkende scheikunde dreigt de
natuur zelf te verdringen. Knappe koppen gaan op zoek naar prikkelende stoffen.
De hele parfumindustrie is daar in feite op gebouwd en de bedoeling is niet eens
de geneeskunst of het stimuleren van de menselijke geest. Van de zomer voerde de
vakantie mij naar Santiago de Compostela. In de kathedraal hangt het enorme
wierookvat, de boto fumeiro, dat door een aantal mannen in een rondslingerende
beweging wordt gebracht. Een wonderlijk schouwspel: het zilveren vat beschrijft
grote cirkels en vult de ruimte met golven geurige rook. Zonder twijfel vormt
het een belangrijke bijdrage tot de algemene aandacht. Maar de koster zei:
'Vroeger kwam er nog een heel prozaïsche reden bij ons om de hoek kijken.
Wanneer duizenden pelgrims in de kerk samendromden, bezweet en smerig van hun
verre tocht, was de stank vaak niet te harden. De mild geurende wierook
overstemde alles en leidde de gedachten af naar andere sferen.' Feitelijk waren
vroeger de parfums daar ook op gericht. Na de badcultuur van de oude Romeinen,
die uren in de badhuizen en sauna's zaten en zich met al dan niet etherische
olie lieten masseren, kwamen de ascetische middeleeuwen. De collectie blote
lijven in een badinrichting gold toen als onzedelijk. De enige juiste manier om
het vuil van je lichaam te wassen was het eerlijke zweet dat door hard werken
werd veroorzaakt. Moreel misschien een hoogstaand standpunt, maar u kunt zich de
geuren voorstellen die daarmee gepaard gingen. Een feestavond met een aantal
mensen bij elkaar zou zonder parfum niet om uit te houden zijn geweest.
De natuur streeft altijd naar een
evenwicht en tegenwoordig is de hygiëne eerder naar de andere zijde
doorgeslagen. Men douchet nu dagelijks met man en macht het lichaam schoon en
zeept elke huidbescherming door de afvoer. Het is opvallend dat het land met de
meeste wasbeurten - de USA - tevens de langste lijst van huidklachten kent.
Laten we hopen dat wij in elk geval de gulden middenweg bewandelen.
Ilse Dorren
Oorspronkelijk gepubliceerd in De Natuur Uw Arts, 24e jaargang, Nr. 148, bladzijde XX