Fibromyalgie: een psychosomatisch ziektebeeld

Er is een tijd geweest, dat fibromyalgie dagelijks op mijn doktersbord lag. Het begon in 1978 als een variant op de tot dan toe bekende reumatische ziekten. Mijn eerste fibromyalgie-patiënte was een vrouw van middelbare leeftijd met onmiskenbare, gespannen trekken. Ze had problemen met haar man en vooral met zijn gebrek aan potentie, tevens lag ze overhoop met de buren en met de echtgenote van haar zoon. Ik kende het ziektebeeld nog niet, maar een reumatoloog was net op een congres in Amerika geweest en daar was deze kwaal uitvoerig aan de orde. Men had vele mensen met dit syndroom onderzocht en daarbij gevonden, dat zij (vooral 's nachts) een te hoge spierspanning hadden en dat zij daardoor deze pijnen kregen, die hen de hele dag hinderden: pijn aan de aanhechtingen van spieren, verergerend bij inspanning en bij kou. Het bleek, dat zij niet genoeg ontspanden tijdens de slaap, doordat zij onvoldoende diep in slaap kwamen, maar steeds tegen de waakgrens aan lagen (de zgn. REM-fase ofwel droomfase).

De therapie, die men bedacht en met goed resultaat toegepast had, was amitryptiline (tryptizol) voor het slapen (dat is een anti-depressief middel, dat ontspanning en stemmingsverbetering geeft) en fysiotherapeutische badtherapie (oefentherapie in warm water).

Mijn patiënte kreeg beide voorgeschreven en zij was er aanvankelijk heel tevreden mee; haar ziekte was serieus genomen en zij was druk met de therapie, waarvoor zij dagelijks naar een revalidatieoord in Enschede moest reizen (ze woonde in Zutphen). Maar aan het onderliggende probleem werd niets gedaan, n.l. haar relationele problemen ofwel haar gedrag tegenover haar naasten. Toen ik na een tijd in reactie op haar klachtenstroom voorzichtig opperde, dat zij toch ook iets aan zichzelf moest doen, keek zij mij verwijtend aan met zo’n blik van: 'wat bedoel je, doktertje?'

Ik was toen inderdaad nog maar een heel jong doktertje en zag er nog jonger uit, dus het kostte me al wat moeite om serieus genomen te worden. Ik begreep, dat ik aan haar stelling, die ze nu zo vast ingenomen had, 'dat het alleen lag aan "de anderen" en dat zij nu ook nog een ziekte had waar ze medeleven voor verdiende', niet mocht tornen. Ik geloof, dat ik haar daarna niet meer heb terug gezien. Waarschijnlijk was ik al te ver gegaan, en daar ik destijds geassocieerd was met een oudere collega zal ze die voortaan wel geconsulteerd hebben. 

Dit ziektegeval demonstreert het probleem bij fibromyalgie. Er is zeker een lichamelijke aandoening, namelijk spiervermoeidheid door verzuring, die ontstaat door een te hoge spierspanning in rust.  De oorzaak van deze toestand is echter psychisch en kan berusten op een gestoord zelfbeeld of een verkeerde indruk van de invloed van de omgeving op jezelf. Het is in zo'n geval moeilijk om mensen bewust te maken van deze situatie, zodat zij bereid zijn er wat aan te doen. 

Na 1978 is er een toename geweest in het voorkomen van fibromyalgie met een top rond 1990. Sindsdien is het aantal patiënten met deze kwaal in mijn (consultatieve) praktijk gedaald. Ik denk niet dat het beeld minder voorkomt, want ik heb nog ettelijke patiënten met deze aandoening, maar men komt er minder mee. De publieke belangstelling heeft zich inmiddels verschoven via M.E., hypoglycaemie en posttraumatische dystrofie naar repeated strain injury (RSI) en burnout. Dit zijn allemaal echt bestaande ziekten, maar met een duidelijke psychische component. 

Er bestaat dus een soort van mode in psychosomatische ziekten. Er is een tijd geweest dat spasmofilie (spastisch colon) erg in de belangstelling stond. Ook hyperventilatie heeft zich een tijd mogen verheugen in veel aandacht. In de tijd van Freud waren hysterie en neurose absoluut de toppers. Ik denk dat elke periode zijn eigen (psychosomatische) ziekten heeft gekend.  Vroeger werden ziekten altijd opgeroepen door een factor van buiten (zoals de pest, pokken, tuberculose, syfilis en gonorroe), tegenwoordig maar zelden, zoals AIDS en tekenbeetziekte ofwel Lyme-disease. Een factor is, dat elke tijd zijn eigen ziekten oproept door de levenswijze, die mensen er op na houden. In deze tijd van luxe en goede medische verzorging, maar met een hoge graad van psychische stress en milieuvervuiling, zijn er veel vage ziektebeelden ontstaan. Ik noem er nog een paar op:  whiplashtrauma, voedselintolerantie, ADHD ofwel aandacht-tekort-syndroom, bekkeninstabiliteit, postnatale depressie, premenstruele spanning, posttraumatische dystrofie, systemische candida.

Ik ben er van overtuigd, dat een toekomstige ziekte de toxische-belastingsziekte zal zijn, die een aantal andere ziekten samenvat door een gezamenlijke oorzaak. De gevolgen van de toxische (milieu-) belasting bestaan al lang in allerlei andere ziekten, zoals kanker, chronische vermoeidheid en elke andere ziekte, die ontstaat door een verminderde afweer. Kanker (niet AIDS) moet toch zeker beschouwd worden als de ernstigste epidemie van de 20e eeuw in de westelijke wereld, met een toename van één op de dertig in 1945 naar één op de vier mensen in 1999, dat is een stijging van 700%! Een van de oorzaken van kanker is de grotere toxische belasting vanuit het milieu en de chemische vervuiling van het lichaam, al wordt dat officieel nog niet toegegeven. AIDS is eveneens het gevolg van een uitgeput immuunsysteem, door ondervoeding (Afrika) of een ongezonde levensstijl. Over de primair oorzakelijke invloed van het virus zijn de geleerden het   nog niet eens. 

Wat verstaan we, kort samengevat, onder  fibromyalgie?

Het begint met een persoonlijkheid, die niet los kan laten. Alles wat zo iemand overkomt kan tot probleem gevormd worden en er wordt veel en langdurig over gepiekerd. De problemen worden niet opgelost, maar meegesleept, omdat deze mens niet in staat is voldoende afstand te nemen om te zien waardoor het probleem ontstaan is. Er is onvoldoende inzicht in het eigen functioneren, waardoor de problemen  naar buiten, ook naar het lichaam, verschoven worden. Dat geeft tenslotte een constant te hoge spierspanning, waardoor vooral de aanhechtingen opspelen en later ook de hele spier door verzuring wordt aangetast, wat een vermoeid gevoel geeft, zoals iemand heeft die zojuist een marathon heeft gelopen.  Door de weefselverzuring ontstaan verhardingen in de spier, zogenaamde myogelosen of spierknopen, die pijnlijk zijn en zeer drukgevoelig, met een toename van de klachten bij inspanning.

De diagnose wordt vooral gesteld aan de hand van de klachten, zoals pijnlijke vermoeide spieren, verergering en snelle uitputting bij geringe inspanning, gecombineerd met een wat problematische geaardheid.

Er is geen sprake van een echte depressie, want de patiënt heeft zeker wel zin om iets te ondernemen, maar het gaat niet door de spierklachten. Het onderzoek vertoont een aantal typische, pijnlijke drukpunten en geen afwijkingen aan de gewrichten of aan andere delen van het bewegingsapparaat.

De behandeling van fibromyalgie is al enigszins genoemd en blijkt uit de bovengenoemde oorzaken. In de eerste plaats een voeding met een basisch (alkalisch) overschot, ofwel een gering aantal zure voedingsmiddelen. Dat betekent niet alles wat zuur smaakt vermijden, want zure vruchten reageren toch basisch in het lichaam. Het zijn vooral dierlijke eiwitten en meelproducten, die voor de meeste zuren zorgen. Dus een vegetarisch dieet, veel groenten en fruit en aardappelen, weinig rijst en dan nog zilvervliesrijst,  soms een (vet) visje, vooral zachte kaassoorten en in geringe mate zure melkproducten, zoals biogarde yoghurt en kwark. Het drinken van koffie en zwarte thee dient beperkt te worden, evenals sterk alcoholische dranken, die hoewel ze alkalisch zijn toch een zure reactie schijnen te kunnen oproepen in het lichaam. Verder moet men veel (mineraalarm) bronwater drinken en iets om de nieren te activeren, zoals guldenroedethee, orthosiphonisthee etc. Grote inspanning dient vermeden te worden en ook beslist geen fysiotherapie of oefentherapie.

Goede resultaten worden wel bereikt met haptonomie, waarbij men zich bewust wordt van de emotionele werking op spieren.

Psychotherapie is noodzakelijk, om inzicht in het eigen functioneren te krijgen. Voor dat laatste moet de patiënt dan wel open staan, wat - zoals eerder gezegd - nogal eens ontbreekt. Het vinden van de juiste psychotherapeut kan moeilijk zijn, daar er weinig therapeuten beschikbaar zijn voor deze gedragstherapie.

Als men alleen somatische (lichamelijke) maatregelen neemt blijft de ziekte bestaan, al is het in mindere mate. Het kan echter zijn, dat het voor mensen, die vastgelopen zijn in de maatschappij of in hun privé-omstandigheden, een betere situatie schept om niet te kunnen door ziekte in plaats van door vermeend onvermogen.  Ik bedoel daar niets negatiefs mee, maar vaak is een ziekte een compensatie voor onderliggende psychische druk en geeft de ziekte een escape uit een onleefbare situatie.

Het vinden van de oorzaak van de vastgelopen situatie en het scheppen van  nieuwe omstandigheden kan zeer verhelderend werken en veel ziekteverschijnselen doen verdwijnen.

 

Bertil de Klijn, arts

Ellecom

Tel.: 0313 414309 

Terug naar menu


Oorspronkelijk gepubliceerd in De Natuur Uw Arts, 24e jaargang, Nr. 145, bladzijde 11