
Bijnierschorshormonen
Mogelijke consequenties bij toepassing
Op 10 december '98 meldde het BBC-programma First Sight, dat de ouders van Lexie
McConnel uit Abingdon Oxfordshire (GB) toestemming hebben gekregen om het John Radcliffe
Hospital in Oxford aan te klagen. Toen Lexie een ooginfectie had werd deze door het
aangeklaagde ziekenhuis behandeld met bijnierschorshormonen (corticosteroïden). Tijdens
of binnen 2 à 3 weken voor aanvang van de hormoonkuur moet ze besmet zijn geraakt met het
varicella zoster virus. Ten gevolge van de immuniteitonderdrukkende werking van het
hormoonpreparaat veranderde de zeer besmettelijke, maar naar reguliere begrippen
onschuldige kinderziekte 'chicken pox' (Latijn: varicella; Ned.: wind- of waterpokken) in
een dodelijke aandoening. Lexie is maar 9 jaar geworden.
Wanneer kinderen, volwassenen en - volgens het
Engelse blad Weekend Telegraph - katten met allergieën en/of allergieachtige
verschijnselen als voedselintolerantie en/of hyperreactiviteit (histamineovergevoeligheid)
bij een reguliere behandelaar terechtkomen, wordt maar al te vaak klakkeloos gegrepen naar
bijnierschorshormonen. Toch kunnen deze 'wondermiddelen' in het gunstigste geval slechts
symptomen bestrijden, terwijl ze o.a. zeer schadelijke neveneffecten op het immuunsysteem
hebben (1). In de praktijk berust de reguliere allergieaanpak op het creëren van een
soort kunstmatig Immune Deficiency Syndrome, die ten doel heeft het immuunsysteem ervan te
weerhouden zaken als de uitwerpselen van de huisstofmijt, honden- of kattenroos, stuifmeel
en/of 'foute' voedingsmiddelen te bestrijden. Patiënten krijgen meestal niet te horen dat
het afweerapparaat - zeker bij langdurig hormoongebruik! - tevens potentiële
kankercellen, virussen, bacteriën, gisten en/of schimmels kan gaan negeren (2).
Het is geen toeval, dat zoveel strikt regulier (en
na het stellen van de diagnose vaak 'levenslang') met bijnierschorshormonen behandelde
allergiepatiënten na verloop van tijd ook schimmeldodende medicatie krijgen
voorgeschreven (3). De farmaceutische industrie levert zelfs corticosteroïden waar
schimmelbestrijders aan zijn toegevoegd. Verbijsterend weinig huisartsen, dermatologen en
allergologen hebben in de gaten dat de immuniteitonderdrukkende werking van de
voorgeschreven hormonen ertoe kan leiden, dat schimmels en gisten als de candida albicans
(die mensen met een normaal functionerend immuunsysteem geen enkel voordeel oplevert of
nadeel berokkent) zich tot ziekteverwekkende parasieten kunnen ontwikkelen.
Nog minder behandelaars zijn zich ervan bewust,
dat met bijnierschorshormonen behandelde 'allergiepatiënten' een aanval van waterpokken
of door hetzelfde virus veroorzaakte gordelroos (herpes zoster) kunnen krijgen. Wanneer
een allergiepatiënt klaagt over de voor deze aandoeningen kenmerkende rode huiduitslag en
jeukende blaasjes kan de doorsnee huisarts ze voor allergiesymptomen verslijten. En
waarschijnlijk domweg naar sterkere bijnierschorshormoonpreparaten grijpen.
Hoewel smeersels als relatief veilige
toedieningsvormen worden beschouwd, maken ze de huid dunner en bevattelijker voor gist- en
schimmelinfecties. Zeker bij langdurig gebruik op een grote oppervlakte van de steeds
dunner wordende huid zullen steeds meer hormonen 'doorlekken', in de bloedbaan
terechtkomen en onder meer de productie en werking van natuurlijke bijnierschorshormonen
verstoren.
Het belangrijkste bijnierschorshormoon heet
cortisol. Dit hormoon wordt ook wel hydrocortison genoemd en als zodanig onder een aantal
merknamen 'per tube' voorgeschreven. Cortisol/hydrocortison is o.a. verantwoordelijk voor
de koolhydraatstofwisseling c.q. het op peil houden van de bloedsuikerspiegel. De doorsnee
'beschimmelde allergiepatiënt' heeft opvallend vaak te maken met een 'regulier' vaak niet
onderkende conditie, waarbij sprake is van zeer heftige schommelingen van de
bloedsuikerspiegel, welke hypoglykemie wordt genoemd. Verkeerd behandeld kan deze
aandoening op den duur overgaan in diabetes. Het toedienen van bijnierschorshormonen kan
overigens resulteren in een verhoogde stressgevoeligheid (een hoog gehalte aan
bijnierschorshormonen in het bloed zorgt ervoor dat de hypofyse te weinig van het bij
stress zeer belangrijke ACTH afgeeft) en aandoeningen als de ziekte van Cushing,
bloeddrukverhoging, osteoporose (botontkalking) en diabetes kan leiden (volgens de
Consumentengids van januari '99 meldt de Belgische bijsluiter van een tube hydrocortison,
dat men wekelijks hooguit 20 gram mag gebruiken; de Nederlandse laat 30 tot 60 gram toe).
Mijn vorige huisarts vertoonde overigens een bijna
maniakale voorkeur voor bijnierschorshormoonpreparaten. In '90 werd een ondanks (lees:
mede dankzij) de reguliere behandeling al 10 jaar aanhoudende, door seizoensinvloeden
negatief beïnvloede 'hooikoortsaanval' bestreden met een sterke cortico-injectie. Op
hetzelfde moment werden voor de rug van de linkerhand 2 bijnierschorspreparaten, 1
schimmeldodend smeersel, 1 combinatie crème en - omdat de huid steeds makkelijker kapot
ging - 1 vetcrème voorgeschreven die ook op een groot deel van de rest van het lichaam
moesten worden toegepast. Oordruppels combineerden bijnierschorshormonen en
schimmeldoders. In '91 had een onverantwoordelijke en verbijsterend slechte GAK-arts
voldoende aan één blik op de chronisch ontstoken huid, om me op onsympathieke wijze te
verzekeren, dat er medisch gesproken geen sprake kon zijn van allergieën, maar van aids.
Hoewel ik, volgens latere uitspraken van de GAK-arts, in minder dan een maand tijd
volledig genezen schijn te zijn van deze ongeneeslijke ziekte, toonden uitgebreide
immunologische testen in '94 aan, dat jarenlang bijnierschorshormoongebruik op medische
indicatie ertoe had geleid, dat bepaalde functies niet meer naar behoren door het
immuunsysteem werden verricht.
Voetnoten:
(1) Astmasprays werden door het Astma Fonds
onlangs als "veilig' beoordeeld, omdat er relatief weinig hormonen in het bloed
zouden komen. In '91 heeft de gerespecteerde allergologe Doris J. Rapp gesuggereerd, dat
er in de USA een verband zou kunnen bestaan tussen de verdriedubbeling van het aantal
sterfgevallen onder astmapatiënten sinds 1976, en het feit dat in deze periode
bijnierschorshormoontabletten voor haar collega's de favoriete vorm van astmamedicatie
zijn geworden.
(2) Wolffers meldt zelfs dat virusinfecties,
schimmelinfecties en tuberculeuze oogontstekingen kunnen worden bevorderd door het gebruik
van oogdruppels met bijnierschorshormonen.
Schimmeldodende smeersels zijn over het algemeen niet bepaald hypoallergeen. Daardoor
kunnen ze soms hevige overgevoeligheidsreacties opwekken.
(3) Bronnen: BBC Ceefax d.d. 10 december 1998,
Uitzending First Sight (BBC 2 d.d. 10 december 1998), Zakwoordenboek der Geneeskunde
(Coëlho en Kloosterhuis), Philips Media Medische Encyclopedie en Microsoft Encarta
Encyclopedia '98, Medicijnen (Wolffers), Rubriek Pet Subjects, Weekend Telegraph d.d. 21
november 1998, Spectrum Encyclopedie 1998 (CD-Rom), Het Digitale Ziekenhuis (Het Net), Het
Post-viraal Syndroom (Nieuwenhuis en Schilders), Is This your Child? (Rapp.),
Consumentengids januari 1999.
R. Bolman
Terug naar menu
Terug naar menu
Oorspronkelijk gepubliceerd in De Natuur Uw Arts, 24e jaargang, Nr. 142 , bladzijde
9