Integratie regulier en complementair
Een lans om te breken

In DNUA 199 plaatsten wij op pagina 26 een artikel van Rogier Hoenders en Gerke Terpstra van het Centrum Integrale Psychiatrie Lentis. Dit was voor ons mede-redactielid Jos Nyst aanleiding voor de onderstaande bijdrage.

In de medische wereld geldt de regel: een behandeling dient pas te worden gestart na het stellen van de diagnose; deze diagnose moet tot stand zijn gekomen aan de hand van 'diagnostische criteria'. Een behandeling is in het algemeen - ten aanzien van het resultaat - getoetst voordat die algemene ingang vindt (waarden en normen). Of het nu gaat om een medische behandeling met geneesmiddelen, dan wel om een operatieve ingreep, de kans van slagen staat veelal bij voorbaat vast.
In de fysica zijn de richtlijnen voor onderzoek nog stringenter. Een onderzoeksresultaat dient niet alleen logisch tot stand te komen, getoetst en bewezen te worden maar moet ook nagebootst kunnen worden (reproduceerbaar te zijn in een laboratorium).

Bovengenoemde strenge uitgangspunten voor onderzoek hebben beide wetenschappen geen windeieren gelegd. Het niveau van onderzoeksmogelijkheden is tot op een hoge graad van perfectie gestegen. Het zou de CAM (Complementary and Alternative Medicine) sieren naar eenzelfde vorm van onderbouwing te streven in de vorm van criteria die door alle aangesloten beroepsgroepen zijn aanvaard.

Met name na de zeventiger jaren van de vorige eeuw hebben de natuurwetenschappen hun intrede gedaan in de geneeskunde. Deze uitwisseling en bundeling van kennis heeft tot een verdere en stormachtige ontwikkeling geleid van het diagnostisch vermogen.

Madame Curie knoeide in haar tijd nog met onbeschermd lichaam met radioactief materiaal en verwierf hiermede, zowel op het gebied van de fysica als van de geneeskunde, onsterfelijke roem. Mede als gevolg van haar inspanningen kennen we thans de CT-scan en de MRI, kunnen sporen van elementen in het lichaam van de mens scheikundig in het laboratorium worden aangetoond en kunnen ingewikkelde operaties via de bloedbaan in het hart of de hersenen worden uitgevoerd.

Een begrijpelijke maar niet geheel logische reactie uit deze superontwikkelingen in de reguliere geneeskunde is het innemen van het standpunt dat als volgt kan worden geformuleerd: Wat door de medische wetenschap niet kan worden verklaard of opgelost is onverklaarbaar, c.q. onoplosbaar.

In de fysica heeft men sinds de aanvaarding van de Kwantumtheorie van Planck niet langer kunnen voldoen aan de strenge eisen waaraan een onderzoek moet voldoen, namelijk de reproductie in laboratoriumsituatie van het waargenomene. De reden hiervoor was de vaststelling dat de wetten van Einstein niet opgaan voor de microkosmos, waarin de wetten alleen via de logica kunnen worden begrepen en niet nagebootst kunnen worden in een laboratoriumopstelling. Die wetten kunnen slechts vertaald worden door het begrip 'energie' (zoals de Hindoes dat 5000 jaar geleden al deden). Hier raakt de fysica de filosofie.

Helaas moet worden vastgesteld dat de medische wereld zover nog niet is. De medische wereld kan nog niet aanvaarden dat ook een niet objectief omschreven, vastgestelde of vast te stellen benadering van het begrip 'ziekte' zijn waarde kan hebben. De crux zal wel gelegen zijn in de nog immer heersende opvatting over de onoverbrugbare scheiding tussen geest en lichaam (een heilloze operatie indertijd door Descartes uitgevoerd en later algemeen geaccepteerd). Ten aanzien van de homeopathie, de natuurgeneeskunde e.a. wordt daardoor nog veelal een afwijzend en rigide standpunt ingenomen, dat niet is gebaseerd op kennis maar eerder op gebrek daaraan.
Dit soort opvattingen komen we overigens ook tegen in het complementaire circuit. We kennen Sjamanen die alle stoornissen uitsluitend wijten aan een disbalans van de geest, alsmede voedingsdeskundigen die vasthouden aan de gedachte dat alle stoornissen uitsluitend het gevolg zijn van een niet juist afgesteld voedingspatroon.

Wat een opluchting zou het zijn als er een soort oecumenische beweging tot stand gebracht zou kunnen worden tussen al die medische 'kerken' en 'kerkjes', waarbij we naar elkaar luisteren alvorens te oordelen onder het motto: Onderzoekt alles en behoudt het goede.

Jos Nyst, arts

 

 


Terug naar menu

Oorspronkelijk gepubliceerd in De Natuur Uw Arts, 34e jaargang 2009, Nr. 201, bladzijde 24