
'Adem diep…' Wie heeft dit advies nooit gekregen? Het lijkt ook zo logisch; diep inademen en je vult je longen weer met zuurstof. De Russische arts Konstantin Buteyko heeft een andere kijk hierop. Via onderzoeken kwam hij tot de conclusie dat bovenmatige longventilatie (hyperventilatie) verstoring van de stofwisseling en de immuniteit veroorzaakt, naast chronische aandoeningen. Vermindering van de ademhaling stopt aanvallen van benauwdheid, hoestbuien, een verstopte neus en allergische verschijnselen binnen enkele minuten. Buteyko biedt een trainingsprogramma aan dat de ademhaling normaliseert en de gezondheid herstelt. In Australië, Nieuw-Zeeland, Groot-Brittannië en andere landen wordt deze methode met succes toegepast.
Hoe zette u de eerste stappen naar uw ontdekking?
Als student merkte ik dat patiënten dieper gingen ademen bij het naderen van de dood. Aan de diepte kon ik voorspellen hoeveel dagen of uren zij nog hadden te leven. In mijn derde studiejaar moest ik de longen van een patiënt beluisteren met een stethoscoop. Ik vroeg de patiënt om diep in- en uit te ademen; gevolg was dat de patiënt flauw viel. Dit weet men aan een overdosis zuurstof in de hersenen. Deze uitleg bracht mij in verwarring. Wij leren diep ademhalen om meer zuurstof te krijgen, maar waarom kunnen 2 à 3 minuten van diepe ademhaling de mens doen flauwvallen? Deze vraag dwong mij antwoorden te zoeken.
In de tweede maand als zelfstandig werkend arts flitste het idee door mijn hoofd dat bepaalde ziekten het gevolg kunnen zijn van diepe ademhaling; bijvoorbeeld mijn eigen probleem: te hoge bloeddruk. Onmiddellijk controleerde ik mijn vermoedens door mijn eigen ademhaling te verminderen. Mijn vermoedens werden bevestigd. Sommige symptomen, zoals mijn hoofdpijn en een versneld hartritme, verminderden. Toen ik weer dieper ging ademen, keerden de symptomen terug. De oorzaak van mijn ziekte was duidelijk. Het lag voor de hand dat verkramping van de bloedvaten, zoals bij hoge bloeddruk, ook voorkwam bij andere aandoeningen als angina pectoris (door vernauwing van de kransslagaders van het hart).
De theoretische basis voor dit idee was gelegd. Door een diepe ademhaling verlaat veel kooldioxide (CO2) het lichaam. Dit leidt tot verkrampen van de bloedvaten waardoor een tekort aan zuurstof in de weefsels ontstaat. Tijdens een nachtdienst was ik in de kliniek continu bezig om dit idee uit te testen bij de patiënten. Ik vroeg astmapatiënten hun ademhaling te verminderen; de aanvallen stopten. Eenzelfde resultaat zag ik bij angina pectoris. Ik vroeg hen om dieper te gaan ademen en de aanvallen kwamen terug. Tegen de ochtend was ik absoluut zeker dat dit een ontdekking was die de medische wereld op zijn kop zou zetten.
Wat hebt u daarna ondernomen?
Een maand lang heb ik intens gestudeerd om een antwoord te vinden op de vraag die mij bezighield: 'Kan het zo zijn dat binnen de medische wetenschap zo'n eenvoudig idee nog nooit was opgekomen?' De mens was geleerd om diep te ademen en niemand had ooit geprobeerd minder te ademen. Gedurende mijn zoektocht vond ik wel een aantal experimenten die mijn ideeën bevestigden. Ik besloot toen mijn bevinding te delen met mijn leraren. Helaas kreeg ik van geen van hen enige steun. Ik begreep dat ongefundeerde beweringen niet veel resultaat zouden opleveren en ik begon een experimenteel laboratorium. Ik moest bewijs verzamelen, formules opstellen en daarna mijn idee kenbaar maken.
Hoe verliep uw verdere wetenschappelijke en experimentele werk?
In 1958-1959 deden wij klinische studies op ongeveer 200 personen, zowel gezonde als zieke. De eerste cijfers en correlaties werden vastgesteld en bevestigden de juistheid van mijn bevindingen. Op 11 januari 1960 presenteerde ik mijn werk aan het wetenschappelijk forum van ons instituut en ik probeerde het concept van mijn idee uit te leggen. Ik vertelde over onze experimenten die de onderlinge relaties aantoonden tussen de diepte van de ademhaling (hyperventilatie), de hoeveelheid kooldioxide in het lichaam, de verkramping van de bloedvaten en de toestand van de patiënten.
Hoe reageerden de leden van het wetenschappelijk forum op dit bericht?
Met name chirurgen zagen het als een verkeerde aanpak om ziektes als astma, angina pectoris en hypertensie te behandelen. Zelf hadden zij daarvoor (dus chirurgisch) geen oplossing. Door uitblijven van adequate behandeling was het sterftepercentage dan ook hoog. Mijn methode, het normaliseren van de ademhaling, liet daarentegen een snel herstel zien. Ik had verwacht dat de chirurgen verheugd zouden zijn; helaas was hun reactie tegengesteld.
Uw onderzoek in uw laboratorium ging door. Wat zijn uw concrete bevindingen?
In de tien jaar dat het laboratorium bestond, hebben wij met succes uitgebreide informatie over de basisfuncties van het menselijk organisme verzameld. Deze informatie werd geanalyseerd en via wiskundige berekeningen ontstonden de uitkomsten.
Tweehonderd medische specialisten zijn in het laboratorium getraind; het merendeel was zelf ziek en testte de methode op zichzelf uit. Tegenwoordig behandelen zij patiënten middels mijn methode. Officiële statistieken toonden aan dat op 1 januari 1967 meer dan duizend patiënten behandeld en genezen waren van astma, hypertensie of angina pectoris. Met ingang van januari 1968 mochten wij in het Instituut van Longziektes in Leningrad de meest ernstige en uitbehandelde patiënten behandelen. Bij alle patiënten werd de medicatie gestopt. Van de patiënten werd 95% genezen verklaard en twee van de 46 bereikten een positief resultaat, alleen minder.
Als u, sprekend over uw methode, het hebt over de algemeen geaccepteerde methode, bedoelt u dan de methode, geaccepteerd door de westerse medische wetenschap?
Voordat ik over de kern van mijn methode vertel, wil ik de twee medisch wetenschappelijke stromingen noemen. De officiële westerse en de oosterse, waaronder de Tibetaanse. De oosterse wetenschap heeft altijd al gemeend dat ziekten het gevolg zijn van een verstoorde ademhaling. De kern van mijn methode is minder diep ademen. Hoe? Door ontspanning, waardoor de ademhaling langzamer en oppervlakkiger wordt. Is dit bereikt, dan wordt verder getraind met het nog iets verder verlagen van de mate van inademing. Er ontstaat dan een gevoel van tekort aan lucht, dat gedurende 5 tot 10 minuten wordt volgehouden. Daarna volgt een meting van de zogenoemde adempauze door het inhouden van de adem. Vordert de training dan moet deze adempauze langer worden. Dit is in het kort het principe.
Op welke wetenschappelijke wetten is uw theorie gebaseerd?
De theorie berust op die van het hyperventilatiesyndroom. Ze is gebaseerd op de immense biologische rol van kooldioxide (CO2) op het leven en de gezondheid van de mens. Verder op fysiologische wetten aangaande de effecten van CO2 op alle levende systemen: mensen, dieren en planten. Kooldioxide is basisvoedsel voor alle levensvormen op aarde. Planten nemen CO2 op uit de lucht. Dieren voeden zich met planten en mensen voeden zich met beiden.
De hoeveelheid CO2 in de lucht is vanaf de oudheid verminderd van tientallen procenten tot slechts 0,03% in 1982. De celstofwisseling is van oorsprong ingesteld op het percentage CO2 van heel vroeger. In de loop van de evolutie is een eigen luchtomgeving gecreëerd in de longblaasjes in de longen, welke ongeveer 6,5% CO2 bevatten. Het verlagen van het CO2 gehalte in de longen door diepe ademhaling, verstoort alle lichaamsfuncties. Als het CO2 niveau verlaagd wordt tot 3%, sterft het hele organisme.
Hoe veroorzaakt diepe ademhaling chronische ziektes?
Het waarborgen van een constant niveau van CO2 in de longen, gebeurt door:
1) samentrekking van de bronchiën en de bloedvaten
2) toename van de cholesterolproductie; de biologische isolatie van de celmembranen
3) verlaging van de bloeddruk om verlies van CO2 door de cellen tegen te gaan.
Vernauwing van de bronchiën en bloedvaten leidt echter ook tot verminderde toevoer van zuurstof naar hersenen, hart, nieren, enzovoort. Er ontstaat zuurstoftekort in deze organen. Wanneer zuurstof in vitale organen een laag niveau bereikt, wordt het ademhalingscentrum in de hersenen gestimuleerd. De ademhaling wordt nog meer geïntensiveerd en dit leidt tot een ademtekort bij de reeds diep ademende patiënt. Door een nog diepere ademhaling ontstaat een vicieuze cirkel. Verlaging van de CO2-waarde in zenuwcellen veroorzaakt een verlaging van hun gevoeligheid. Het zenuwstelsel raakt in staat van alarm met als gevolg prikkelbaarheid, slapeloosheid, opwinding, angstgevoelens, flauwvallen en zelfs epileptische aanvallen. Door opwinding van het zenuwstelsel wordt het ademhalingscentrum in de hersenen verder gestimuleerd. Hierdoor ontstaat een tweede vicieuze cirkel.
Verscheidene symptomen van de ziekte van te diep ademen zoals spasmen (krampen) van de bronchiën en de hartspier, verhoogde of verlaagde bloeddruk, flauwvallen enzovoort, worden nu zelfstandige ziekten genoemd: bronchiale astma, angina pectoris, hypertensie en epilepsie. Op den duur leiden deze tot complicaties en vroegtijdige veroudering, invaliditeit en seniliteit.
Fysiologische wetten verklaren de vernietigende en vergiftigende invloed van diep ademen en leggen de basis voor het wetenschappelijke principe: de genezing van de aandoeningen door opheffing van het CO2-tekort in het organisme.
Onze methode, gebaseerd op dit principe, werkt door middel van een bewuste normalisatie van de ademhaling. Het is aangetoond dat indien de diepte van de ademhaling wordt verminderd en de waarde van CO2 met 0,5 à 1% boven de norm stijgt, er geen negatieve effecten optreden voor het lichaam. Het is zelfs zo, dat degenen die leden aan gevolgen van diep ademhalen met symptomen van bronchiale astma, angina pectoris of hypertensie, een super uithoudingsvermogen ontwikkelden. Wij hebben dit gedurende decennia van het bestaan van deze methode meerdere malen kunnen observeren. Het is evident dat zelfs het maximaal reduceren van de ademhaling geen enkel nadelig effect heeft op het organisme.
Masha Anthonissen-Kotousova
(afgestudeerd in Rusland bij Prof. Buteyko)
E-mail: kotousova@compaqnet.nl
Tel.: 010 4658343
Literatuur: Masha Anthonissen-Kotousova, 'Leef Gezond, Adem Rustig'/ Astma te lijf met de Buteyko-methode, Uitgeverij Ankh-Hermes, ISBN 978-90-202-0133-8, Prijs: € 4,95
Aanvulling op dit artikel
Uit enkele reacties is gebleken, dat dit artikel bij sommige lezers tot misverstanden heeft geleid.
Onder minder diep ademen hebben deze lezers een pleidooi voor de borstademhaling verstaan terwijl bij een goede ademhaling juist de buikademhaling van belang is. Echter: de methode van Buteyko sluit op geen enkele wijze de buikademhaling uit. Hij heeft ontdekt, dat bij veel aandoeningen de ademhaling het karakter krijgt van hyperventilatie waardoor teveel koolzuurgas (CO2) wordt uitgescheiden. Door nu de ademhaling zodanig aan te passen, dat het koolzuurgas voor een deel in de longen blijft behouden, bleek uit wetenschappelijke onderzoeken dat de algehele toestand van de patiënten verbeterde. Men dient daarbij te beseffen, dat het ademhalingscentrum van waaruit de ademhaling wordt gestuurd, zich richt naar het gehalte koolzuurgas in het bloed.
Minder diep ademen en het vasthouden van koolzuurgas, tenslotte, lukt juist beter wanneer de borstademhaling minder wordt ten gunste van de buikademhaling.
Bert Kloosterman
Oorspronkelijk gepubliceerd in De Natuur Uw Arts, 33e jaargang 2008, Nr. 196, bladzijde 8